Wet stikstofreductie en natuurverbetering

Onderzoek stikstofdepositie

Op dit moment heeft u voor uw bouwactiviteiten nog een onderzoek stikstofdepositie nodig. Met dit onderzoek dient u aan te tonen dat de voorgenomen activiteit niet tot significant negatieve effecten leidt op omliggende Natura 2000-gebieden. Op 2 maart 2021 is de ‘Wet Stikstofreductie en natuurverbetering’ Aangenomen in de Eerste Kamer. De Wet wordt waarschijnlijk op 1 juli 2021 in de Staatscourant gepubliceerd en daarmee actief.

Deze wet bevat een zogenaamde partiele vrijstelling voor de bouwfase. Concreet betekent dit dat u voor de gebruiksfase nog altijd een onderzoek stikstofdepositie, oftewel AERIUS berekening in de volksmond, nodig heeft. Voor de bouwfase vervalt dit in principe. Maar……

Belangrijkste onderdelen uit de wet

De nieuwe wet beoogd een wettelijke verankering van de structurele aanpak van de stikstofproblematiek. De belangrijkste punten, waarin de wet voorziet zijn:

  • Wettelijk verankerde resultaatsverplichting tot reductie van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden. Dit gebeurt door het bij wet vaststellen van drie omgevingswaarden, welke moeten worden bereikt in 2025, 2030 en 2035
  • Een verplichting voor de Minister om een programma stikstofreductie en natuurverbetering vast te stellen
  • De Gedeputeerde Staten worden verplicht om provinciale gebiedsplannen op te stellen ter uitwerking van de landelijke doelstellingen
  • De Minister van LNV wordt verplicht een aanvullend programma vast te stellen voor het legaliseren van voorheen vergunningsvrije projecten met geringe depositie
  • Periodieke monitoring, evaluatie en tijdig ingrijpen om bij te sturen
  • Een partiële vrijstellen van de natuurvergunningsplicht voor de bouwsector

Door de partiële vrijstelling, lijkt het stikstofdepositie onderzoek voor de bouwfase dus te vervallen. Echter, deze vrijstelling is niet zonder voorwaarden.

Partiële vrijstelling

Zoals gesteld is de partiële vrijstelling dus niet zonder voorwaarden. Gezien de resultaatsverplichting die de staat zichzelf met de wet oplegt, is dit niet vreemd. Zonder voorwaarden is er geen stimulans om ook met bouwprojecten bij te dragen aan de reductie van stikstofdepositie.

De bouwsector maakt jaarlijks grote stappen op technologisch vlak in relatie tot stikstofreductie. De regering reserveert een bedrag van €1 miljard om de ontwikkeling te versnellen en dus de partiële vrijstelling mogelijk te maken

Artikel 7.19a

Dat de partiële vrijstelling is niet zonder voorwaarden. Dit blijkt uit artikel 7.19a. Dit artikel spreekt over de volgende voorwaarden:

  • De verplichting aan uitvoerders van bouw- en sloopwerkzaamheden om maatregelen te treffen die stikstofemissie beperken
  • De initiatiefnemen van bouw- en sloopwerkzaamheden dient altijd na te gaan óf en welke maatregelen moeten worden getroffen om stikstofemissie te beperken
  • Voorgenoemd dient opgenomen te worden in een beschrijving, welke bij de bouw- of sloopmelding dient te worden meegestuurd
  • Aanvullend kan het bevoegd gezag eisen dat er een emissiereductieplan wordt opgesteld. Dit kan worden verplicht middels een maatwerk- of vergunningsvoorschrift
  • De overheid zal t.z.t. en handreiking ter beschikking stellen met zogenaamde kosteneffectieve emissiebeperkende maatregelen

Belangrijk hierin is dat het bevoegd gezag artikel 7.19a verder uitwerkt, men preventief kan optreden, maar dat nooit geëist kan worden dat er emissieloos wordt gebouwd. Het laatst omdat artikel 7.19a spreekt van ‘beperken’

De visie van MBH Consult op artikel 7.19a

Hoe de wet in de praktijk gaat uitwerken is nog onbekend. Hoewel de wettekst richting geeft, zullen de Provincies uitwerking moeten geven in de dagelijkse praktijk. Van Provincie tot Provincie verschilt de huidige aanpak al behoorlijk. Dit zal in beginsel ongetwijfeld niet minder worden. Temeer, omdat de uitdagingen op stikstofreductie voor de ene Provincie groter is als voor de andere. Daar komt nog eens bij dat veel partijen zeer kritisch staan tegenover de partiële vrijstelling. De juridische houdbaarheid wordt in twijfel getrokken. Volgens velen is de partiële vrijstelling juridisch net zo houdbaar als de PAS-wetgeving was. Als de partiële vrijstelling in de rechtszaal onderuit gehaald wordt, volgt mogelijk een nieuwe stikstofcrisis.

Gewijzigde dienstverlening

Als MBH Consult volgen wij de ontwikkelingen op de voet. Wij zullen hier dan ook regelmatig over schrijven. Wij zullen onze dienstverlening hier dan ook op gaan aanpassen. Wij zien de zaken als volgt:

  • Tot in de rechtszaal anders wordt besloten is de partiële vrijstelling een uitkomst voor de bouwsector
  • De bouwfase hoeft in principe niet meer beoordeeld te worden middels een stikstofdepositie onderzoek (AERIUS berekening). De gebruiksfase blijft hierin ongewijzigd. Deze dienst zullen wij dan ook blijven aanbieden
  • MBH Consult zal een aanbod ontwikkelen, waarmee wij u kunnen ontzien / helpen / adviseren m.b.t. het stikstofreductieplan voor de bouw
  • Het is hierin zinvol een vergelijkende AERIUS berekening te maken, waarmee de impact van de genomen maatregelen kan worden aangetoond
  • Desgewenst kunnen wij als onafhankelijke partij, in de praktijk de inzet van materieel toetsen aan het plan. Zo kunnen wij de bewijsvoering verzorgen van het in de praktijk gebrachte materieel

Wat als de partiële vrijstelling door de rechter wordt verboden?

Wij voorzien een situatie waarin de partiële vrijstelling het niet redt in de rechtszaal. En dan? Wij vermoeden dat het ‘ouderwetse’ stikstofdepositie onderzoek (AERIUS berekening) dan uitkomst biedt. Immers, de wet in zijn strengste vorm stelt, dat activiteiten doorgang kunnen vinden als significant negatieve effecten met zekerheid kunnen worden uitgesloten. De voortoets middels de AERIUS berekening, zoals deze nu nog wordt gevraagd, kan hierin wat ons betreft uitkomst bieden.

Heeft u vragen? Wilt u meer informatie? Wij helpen u graag verder!

Neem gerust contact met ons op. Vrijblijvend staan wij u te woord.

2021 Alle rechten voorbehoudenWebvriend - Jouw antwoordRealisatie Webvriend