Wet stikstofreductie en natuurverbetering per 1 juli 2021 een feit

Op 18 juni 2021 werd het Besluit stikstofreductie en natuurverbetering in het Staatsblad gepubliceerd. De wet gaat in op 1 juli 2021. In een eerdere blog hebben wij deze wet al geanalyseerd. De belangrijkste feiten uit deze wet zijn:

  • 3 resultaatsverplichtingen voor stikstofreductie. In 2035 moet minimaal 75% van de stikstofgevoelige natuur een gezond stikstofniveau hebben
  • Tussentijdse monitoring en bijsturing
  • PAS melders en initiatiefnemers die onder de PAS vergunningsvrij waren worden alsnog gelegaliseerd
  • Gedeeltelijke vrijstelling voor de bouwsector

Gedeeltelijke vrijstelling bouwsector

Een veelbesproken onderdeel van de nieuwe wet is de gedeeltelijke vrijstelling voor de bouwsector. Hiermee is de tijdelijke fase van de aanleg- of bouw van woningen, utiliteiten, energieprojecten en activiteiten in de grond-, weg- en waterbouw en de sloop van bouwwerken vrijgesteld van vergunning voor de Wet Natuurbescherming. Het kabinet reserveert in de periode 2021-2030 €500 miljoen voor stikstofreductie in de bouw en €500 miljoen voor aanvullende maatregelen binnen of buiten de bouw. De PAS-wetgeving viel onder andere door een matig gemotiveerde drempelwaarde. De afgelopen anderhalf jaar was de harde grens 0,00 mol/ha/j. Wat is de motivatie van het kabinet om nu deze vrijstelling op te nemen in de wet?

Het kabinet stelt dat de invloed op de stikstofdeken door de bouwsector circa 1,3% is. De activiteiten vinden steeds plaats op andere locaties en zijn tijdelijk van aard. Daarnaast bestaat het pakket aan natuur- en bronmaatregelen én de waarborging uit de Stikstofwet. Dit samen leidt er volgens het Kabinet toe dat het uitgesloten is dat het bereiken van de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000-gebieden in gevaar komt.

Er zijn bij diverse partijen grote twijfels over de juridische houdbaarheid van deze vrijstelling. Ten eerste verplicht Europese wetgeving dat met zekerheid kan worden vastgesteld dat de instandhouding niet in gevaar komt. De door het kabinet aangevoerde argumentatie klinkt aannemelijk, maar is volgens velen niet waterdicht aantoonbaar. Daarnaast wordt er een ‘knip’ gemaakt tussen de tijdelijke aanleg- en bouwfase en de gebruiksfase. De vraag is of dit wel kan vanuit de definitie van een project. De Habitatrichtlijn en jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie stellen namelijk dat een project als geheel moet worden beoordeeld. Dat gebeurt nu overduidelijk niet. Kortom, de houdbaarheid zal duidelijk moeten worden, zodra het voor de rechter verschijnt.

Voorwaarden aan de vrijstelling

De vrijstelling is niet onvoorwaardelijk. Er zal niet meer worden gevraagd om een AERIUS berekening voor de bouw- en aanlegfase. De vrijstelling geldt alleen ten aanzien van het aspect stikstofdepositie. Andere significant negatieve effecten, zoals verstoring van diersoorten dienen nog altijd te worden onderzocht. Belangrijke voorwaarden en maatregelen zijn:

  • de vrijstelling geldt alleen voor de tijdelijke bouw- en aanlegfase
  • algemene verplichting tot het beperken van emissies van stikstofverbindingen tijdens de bouwfase
  • emissiearme aanbestedingen door aanbestedende rijksdiensten
  • stimuleren van de aanschaf van emissiearm materieel in de bouw
  • bevorderen van kennis en innovatie via subsidies voor emissiearme concepten
  • eerste evaluatie in 2023

Verplichting tot het beperken van emissies

Voor de bouwsector zal de vrijstelling als een lang gewenste oplossing voelen voor de stikstofcrisis. De juridische houdbaarheid hebben we reeds behandeld. Daarom zoomen we nog even kort in op een voor de bouwsector belangrijke voorwaarde voor de vrijstelling. De verplichting tot het beperken van emissies van stikstofverbindingen tijdens de bouwfase. Hiervoor is artikel 7.19a aan het besluit bouwwerken en omgeving toegevoegd. Wat houdt deze verplichting in?

  • de initiatiefnemer dient bij de aanvraag aan te geven welke maatregelen worden genomen om de emissies van stikstofverbindingen tijdens de bouwfase te beperken
  • de initiatiefnemer dient altijd na te gaan óf en welke maatregelen genomen dienen te worden
  • een beschrijving van de maatregelen dient te worden aangeleverd bij de bouwmelding
  • gemeenten en provincies kunnen een maatwerkvoorschrift laten opstellen, indien zij meer zekerheid wensen. Dit wordt ingevuld door artikel 7.5 eerste lid
  • dit kan het geval zijn bij grote projecten en/of de nabijheid van een stikstofgevoelig Natura 2000-gebied

AERIUS berekening gebruiksfase

Voor alle duidelijkheid. De AERIUS berekening voor de gebruiksfase blijft nog altijd verplicht. Voor deze permanente c.q. langdurige situatie dient nog altijd te worden vastgesteld of de voorgenomen activiteit tot significant negatieve effecten leidt op omliggende Natura 2000-gebieden. U heeft dus nog altijd een stikstofdepositie onderzoek voor de gebruiksfase nodig. De AERIUS berekening is hier een onderdeel van.

Ons aanbod

Wat kunnen wij voor u betekenen in het stikstofdoolhof?

  • advisering voor uw project
  • het opstellen van een stikstofreductieplan
  • het uitvoeren van de AERIUS berekening voor de gebruiksfase

Wij staan u graag vrijblijvend te woord. Neem gerust contact op om u verder te laten informeren omtrent deze lastige materie. Uiteraard kunt u er op onze kennisbank meer over lezen. Heeft u een AERIUS berekening nodig? Klik hier voor het aanvraag formulier.

2021 Alle rechten voorbehoudenWebvriend - Jouw antwoordRealisatie Webvriend